Dyscalculie: Ik kan niet rekenen.

Ik kan slechts hopen dat je de tijd neemt om dit echt te lezen, wie weet, heb je er zelf heel veel aan om te herkennen in je omgeving en te erkennen.Als iemand zegt dyslexie te hebben, dan wordt dit vaak direct begrepen. Dit woord zal dan ook sneller vallen dan het woord dyscalculie. Dit is een vrij onbekend begrip voor de meeste mensen en eigenlijk als je het hebt hoef je dit niet vaak uit te leggen omdat je het aardig in je eentje kunt dragen. Vaak weten alleen de mensen die echt dicht bij je staan, je eigen familie, dat je het hebt, mits het woord al bestond toen je er last van kreeg. Je moet het zelf maar weten dat het bestaat zelfs! (en dat wist ik dus niet als kind en tiener).

Dyscalculie is een serieus probleem welke alles kan uitleggen over cijfers, ritmes en nog zoveel meer. Wat allemaal, zou ik je niet eens kunnen vertellen. Ik durf ervoor uit te komen, ik kan niet rekenen! Of, ik kan het wel, maar heb mijn eigen methodes en trucjes ontwikkeld en zal niet zomaar een som waar je bij staat even uit kunnen rekenen uit mijn hoofd. Hoofdrekenen is een lastige zaak, of het duurt even. Zelfs met pen en papier kan het even duren en doe ik dan ook het liefst als ik alleen ben, vooral omdat als er anderen bij zijn, dat er geheid opmerkingen komen als: dat kun je toch wel! Zo moeilijk is dat niet! En ga zo maar door, wat het probleem versterkt op het moment dat je bezig bent. Vooral in groepen ook is onbegrip gebleken toen ik nog in re-integratie zat bijv. Bedenk OOK, dat mensen met een zeer hoog IQ, ook last van dyscalculie kunnen hebben!

Wat ik al mijn hele leven meemaak, als ik mensen vertel, omdat het woord dyscalculie nog niet ‘bestond’ of onbekend was, dat ik niet kan rekenen, is dat men verbaasd gaat kijken. En vrijwel direct met sommen begint te strooien, als ik nu dyslexie had gehad, dan halen ze niet even een boek of zo uit hun mouw en laten je lezen om het te willen bewijzen dat het echt zo is. Maar met cijferen is dat anders schijnbaar, iets wat ik nooit heb begrepen zelf.

Als ik vertel dat ik niet kan rekenen, dan staat iedereen op zijn kop, echt waar, dat was vroeger thuis ook weleens zo. Men wilde dat ik het kon, wat ik zeker wel snap en onbegrip was er misschien ook wel. Ik begreep het zelf namelijk ook niet zo goed, dat ik het niet kon, of dat ik het niet snapte. Want lezen, schrijven, aardrijkskunde, alle andere vakken aangeboden was ik gek op en lukte met gemak, top of the class?

Mijn geest was supersnel met lezen en schrijven (teken 1 dat je dyscalculie kunt hebben! Een snelle geest met lezen en schrijven en andere info tot je nemen), en ook rekenen zou ik wel even doen. Ik spreek nu over de basisschool tijd, dus het is een tijd geleden waar ik nu over spreek. Een snelle geest had ik, zo bleek en ook mijn familie maakte daar gretig gebruik van, algemene kennis tot nutteloze feitjes en weetjes werden erin gestampt op een leuke manier. En deze feitjes en weetjes zitten er nog altijd in.

Maar dan komt er een recept, wat deels lezen is, met gemak snapte ik dat, maar dan komt die lijst met benodigdheden, halve kilo, een pond, het ½ teken whatever aan vlees of groenten nodig, ½ liter, halve liter, 500 cc liter water… of melk…

Ja, dan begon de pret, NOT! Ik heb nog heel lang, zelfs toen ik al samen woonde en alleen thuis was, mijn moeder elke dag wel gebeld als ik een nieuw recept ging maken of wilde maken, hoe zit het ook alweer mam? Ik was 19, en daarvoor heeft vooral mijn eigen familie, mijn opa met name mij geprobeerd al die liters, grammen en meters erin te krijgen bij mij. Dat was niet fijn, geloof mij! Ik kon er boos om worden zelfs, wat voor hem zo simpel leek, was voor mij complete abracadabra. Maar het waarom bleef de vraag, ook voor mijzelf, waarom lukte het nu niet! In het nu, weet ik het gewoon, lees ik de getallen en zet het om naar lezen ipv de cijfers te zien en gewoon stampen, omdat je het dagelijks nodig hebt en gebruikt blijft dit eventueel wel hangen.

Laat staan als je op jezelf gaat wonen dat je ineens te maken krijgt met geld. Zoals eerder gezegd, naast school kreeg ik ook thuis het absolute aanbod van leren en meer op te nemen, training, op leuke wijze, en zo kwam ook de leeftijd dat mijn moeder mij meenam in de maandelijkse beslommeringen van betalingen. Nog ver voor ik samen ging wonen trouwens, zij vond dat erg belangrijk, dat ik dit zou kunnen, natuurlijk is dat belangrijk! En er werd mij geleerd over inkomsten en uitgaven naast dat ik ook economie op school had, waar ik nog ouderwets leerde balansen, met grotere cijfers zelfs alsof we een winkel in bezit hadden etc. het was namelijk weer hoger dan handelskennis of dagelijks leven, maar het principe is hetzelfde natuurlijk, tot op de dag van vandaag. En werkelijk waar, zolang ik het uit kan tekenen en schrijven op papier, kan ik echt wel een balans opmaken, alleen het gaat mis in het dagelijks leven als ik een balans wil opmaken voor de komende tijden, maanden of zelfs een jaar. De inkomsten en uitgaven op papier kloppen altijd, komen op 0 uit of ik hou zelfs over, als ik het in de realiteit om ga zetten, kom ik niet uit, hou ik (soms) meer over dan berekend van tevoren of kom ik alsnog tekort.

Waar dit aan lag, kon ik niet omschrijven, snapte ik zelf echt niet!

Mijn moeder merkte het al snel op dat niet alles lukte en zei mij: ‘Ga jij nu maar zorgen later dat je altijd EERST je rekeningen die vast zijn betaald, en dan zien wat je over hebt, als het op is, is het op!’

Dit klinkt misschien kort door de bocht, maar deze regel gebruik ik nog elke dag, elke maand, elk jaar en het werkt voor mij. Het is een ‘trucje’ geworden, ik moet het zien, en als ik het zie weet ik, en weet ik tot hoever ik nog kan gaan of niet, op is op en dan heb ik pech.

Toen ik van kind naar tiener opgroeide, kwamen de eerste jubilea tevoorschijn, mijn oud tantes en omes die zoveel jaren samen waren en waar ik mee naar toe mocht. Vooral mijn oud omes allemaal gek op mij, wilden dan met mij dansen, ja dat wilde ik zelf ook! Maar stijldansen had ik nooit gehad. Zij zouden het mij wel leren die basis. Dan stonden we samen op de vloer en daar gingen we dan, de basis werd uitgelegd, nee niet naar je voeten kijken, de maat tellen en zo beginnen en dan gaan, kijk recht in mijn ogen zeiden ze dan en voel de muziek. Vervolgens stapte ik telkens op hun glimmende schoenen of botste of ging de verkeerde kant op. Al snel werd ik weer aan de kant gezet en we zouden het later nog weleens proberen.

Zelfs mijn beste vriend nu, heeft mij ooit hier in huis van de bank getrokken toen ik hem vertelde, ‘ik kan niet dansen, al wil ik nog zo graag!’, hij geloofde dat niet, dat kan toch iedereen, maat tellen, in mijn ogen kijken en gaan. Echt, heus waar, 5 minuten heeft het geduurd, misschien nog niet eens, toen ook hij mij weer op de bank zette en zei, ‘nee, je kunt niet dansen!’

Sinds kort ben ik erachter gekomen dat dyscalculie hier de oorzaak van is! Ja heus waar, het heeft met ritmen en orden te maken die ik schijnbaar niet op kan nemen, ook al wil ik het nog zo graag. Ook al heb ik ooit op jazz ballet gezeten, ik weet inderdaad nog dat ik het heel leuk vond, maar altijd extra aandacht nodig had als we samen een dansje gingen instuderen. Ik bleef of tellen, of ik luisterde naar de muziek wat de volgende stap is, om dan geheid alle danspassen direct niet meer te weten en dan stond ik stil midden in de groep meiden die gingen als een speer.

Het is een opluchting om tegenwoordig aan te kunnen geven dat je een serieus probleem hebt, al zal ik altijd, als ik het uit ga leggen of vertellen als men het woord dyscalculie niet kent, sommen voor mijn neus geslingerd krijgen. Het is een serieus probleem, net zo serieus als dyslexie. Ik wil best dingen voor je uitrekenen, maar dan wel op mijn manier, met pen of papier, het hangt van de som af die je ineens uitroept of ik het kan of niet, of met een rekenmachine en dan ook tot een bepaalde hoogte.

Ergens in het jaar 2001 0f 2002 werd mijn eigen dochter getest nog op de lagere school en dat is waar ikzelf voor het eerst leerde over dyscalculie, die test is onofficieel gedaan wat officieel had moeten worden, omdat ook zij het heeft. Ik wist niet wat het was en vroeg het daarom aan de onderzoekster die het met haar had gedaan. Toen zij het uit ging leggen, had ik direct een klik en wist dat ik het ook had. Laat het nu zo zijn, dat het naar grote waarschijnlijkheid erfelijk is? Helaas ook voor haar is er pas geleden nog een test gedaan, ze is nu 22 jaar oud en ze is te oud om het officieel te laten verklaren, omdat ook zij zichzelf ondertussen vele trucjes heeft aangeleerd om toch wat nodig is in het dagelijks leven zichzelf te kunnen redden met rekenen of betalingen etc. Mocht je een vermoeden hebben dat iemand vooral nog jong, een kind hier last van heeft? Laat het dan testen! Want dit heeft grote gevolgen voor de rest van zijn of haar toekomst bij testen en examens, ze krijgen bijv. meer tijd, ook tijdens examens, en vaak mogen ze zelfs een rekenmachine gebruiken waar anderen dat niet mogen! Hoe jong of oud ze ook zijn later, maar je hebt wel die verklaring nodig die voor de rest van je leven telt!

We spreken van dyscalculie als er sprake is van rekenachterstand, terwijl er op andere terreinen, bijvoorbeeld op taal/leesgebied, wel het normale vermogen tot leren is, dat wil zeggen de rekenuitval is niet in overeenstemming met de totale intelligentie.

Het woord dyscalculie komt uit het Grieks en Latijn betekent slecht kunnen rekenen.

Het voorvoegsel ‘dys’ komt uit het Grieks en betekent ‘slecht’.
‘Calculie’ komt van het Latijnse ‘calculare’, dat ‘rekenen’ betekent.
Dat woord ‘calculare’ komt weer van ‘calculus’, dat ‘kiezelsteen’ betekent of ‘steentje’ op het rekenbord.

Dyscalculie is een rekenstoornis die dikwijls samengaat met nog een aantal andere beperkingen, zoals een zwak ruimtelijk inzicht, moeite met klokkijken, slechter geheugen, spellingsproblemen, gebrek aan inzicht.

Er zijn aanwijzingen dat het een aangeboren erfelijke stoornis is, met een neurologische achtergrond.

Dyscalculie: een rekenstoornis
Dyscalculicus: iemand die dyscalculie heeft
Dyscalculici: meerdere mensen die dyscalculie hebben
Dyscalculisch: bijvoegelijk naamwoord van dyscalculicus

Uitspraak:
d y s c a l cu l i e [DISkalkulie]
d y sc a l C Ú l i c i [diskalKUliesie]

Vroeger werden kinderen met dyscalculie dom en lui gevonden, faalangst was het resultaat.
Nog steeds wordt het probleem onderschat.

Kenmerken van dyscalculie

De volgende kenmerken kun je vaak terugvinden bij kinderen en volwassenen met dyscalculie:

Problemen met tellen (cijferreeksen)

Problemen met het kortetermijngeheugen.

Problemen bij het begrijpen van de basis van de rekenkunde, zoals: breuken, waarde van de getallen, verbanden tussen getallen.

Problemen met inzicht: hoofdrekenen en schatten.

Problemen met volgorden: recepten lezen, klokkijken.

Problemen met ruimtelijke oriëntatie en ruimtelijk inzicht: links-rechts oriëntatie, problemen met het lezen of onthouden van cijferreeksen, lezen en interpreteren van kaarten, tabellen en afmetingen.
Problemen met teamsporten op een groot veld (hockey, voetbal).

Problemen met het interpreteren van codes, patronen (muzieknoten), steno en talen.

Afkeer voor strategie spelletjes en speelgoed.

Afkeer voor rekenen.

Traagheid

http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/passend-onderwijs/vraag-en-antwoord/hoe-worden-leerlingen-met-dyscalculie-op-school-begeleid.html?utm_campaign=sea-t-onderwijs_en_wetenschap-a-passend_onderwijs_dyscalculie&utm_term=dyscalculie&gclid=CJf8g_e_wMMCFVTKtAodmB0A6A

6 thoughts on “Dyscalculie: Ik kan niet rekenen.

  1. Pingback: Evaward | Morgaine's Passions

  2. Ik sta in het onderwijs en nog steeds (hoewel minder) wordt dyslexie veel sneller opgemerkt en getest (en aanvaard) dan dyscalculie. Ikzelf heb het geluk gehad om goed te zijn in zowel taal als rekenen, maar ik zie tegenwoordig vaak kinderen spartelen om hun hoofd boven water te houden… Maar om elk kind dat problemen heeft met taal/rekenen “over te leveren” aan het CLB (Centrum voor leerlingbegeleiding) voor testen, vind ik dan weer jammer. Ze krijgen al zoveel stempeltjes en soms is een probleem ook gewoon dat – een (tijdelijk) probleem – en niet per se een stoornis.
    Sowieso krijgen kinderen die het moeilijk hebben bij ons hulpmiddelen (rekenmachine, extra tijd, schrappen in hoeveelheid leerstof, …), of ze nu een vastgestelde leerstoornis hebben of niet. en dat vind ik wel ok 🙂

    Liked by 1 persoon

    • Ik heb het dus nooit geweten, het had mij een hoop ellende bespaard als men dat wel had geweten, ik heb 1 jaar lang gewoon in de clinch gelegen met 1 leraar die een kort lontje had ook overigens. Omdat ik de staartdelingen maar niet wilde snappen, daar werd hij boos om… ik denk, als men dit al had erkend toen, dat dit wel het sein was geweest, plus dat mijn taal dus juist TOP was vanaf het begin… en alle andere vakken ook, behalve rekenen… maar in deze tijd, inderdaad, gaat men wel erg snel uit van…. ik heb met mijn dochter dan ook keuzes gemaakt waar ik achteraf van denk.. chips…. dat had dus anders gekund als.. maar ja, die labels en je weet ook niet alles als moeder natuurlijk. X

      Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s